donderdag 23 april 2015

Volle grond of in een kuip?

Vijgen kunnen zowel in de volle grond als in kuipen geplant worden.
Beiden manieren hebben hun pro's en contra's, neemt u dit artikel goed in overweging alvorens u tot aanplanten over gaat.
Het gemakkelijkst is natuurlijk aanplanten in de volle grond. U zult minder tijd aan voeden en wateren hoeven te besteden, toch dienen hier enkele kanttekeningen geplaatst te worden.
Allereerst dient gekeken te worden naar de beschikbare ruimte. Bij aankoop zal uw vijgenboompje niet veel ruimte in nemen maar een volwassen boom beslaat met gemak 20 vierkante meter van uw tuin!

                (Prasinosika Kalamatas vijgenbomen in Peloponnesos-Griekenland)

Ten tweede is niet iedere plek in uw tuin geschikt om een vijgenboom te planten. In onze noordelijke regionen is de vijg gebaat bij zo veel mogelijk zonuren en warmte. Een plek voor een muur op het zuiden is ideaal. De muur zal 's nachts de opgeslagen warmte afgeven en zo voor een microklimaat zorgen. Neemt u maar van mij aan dat dit heel wat uit maakt!
Dus beschikt u over een grote tuin en kunt u de vijgenboom een mooie plek op het zuiden geven dan zie ik geen bezwaar deze in de volle grond te planten. Heeft u dit niet, dan kunt u overwegen uw boompje in een kuip te houden.

Het telen in kuipen vereist een andere benadering dan de teelt in volle grond. De wortelruimte is beperkt dus zult u veel moeten wateren en voeden. De voordelen zijn echter dat uw boompje mobiel is en dus verplaatst kan worden, tevens kan de groei gemakkelijk in de hand gehouden worden.
In principe geldt hoe groter de kuip, hoe groter uw vijgenboompje zal worden. 

                                                 ( vierdejaars in een 65 liter kuip)

Bijkomend voordeel van de teelt in kuipen is dat u uw vijgenboom binnen kunt overwinteren. In november zal de vijgenboom zijn bladeren afgooien en in winterslaap gaan.De meerjarige hoofdstammen zullen buiten niet snel kapot vriezen maar het jongere hout is gevoelig voor vorst.
Een koele kelder, schuurtje of garage is ideaal voor overwintering. Zorgt u wel dat het er donker is anders wordt het boompje in een zachte winter geprikkeld om nieuwe scheuten te vormen. Let op dat de aarde niet volledig uitdroogt maar ook weer niet te nat is! De vijgenboom is in slaap en bladerloos en zal dus praktisch niets verbruiken. Er is slechts een klein beetje vocht nodig om uw wortelgestel gezond te houden.
Als de kans op nachtvorst voorbij is kan uw kuip weer naar buiten. Over het algemeen wordt hier ijsheiligen (half mei) voor aangehouden doch is mijn ervaring de laatste jaren dat door het opwarmen van de aarde dit tegenwoordig vanaf half april wel veilig is. Een langer groeiseizoen zorgt namelijk voor vroegere vruchtzetting wat de kans op succesvolle afrijping van uw vijgenoogst vergroot.
1 maand eerder beginnen kan dan veel uitmaken!
In het volgende bericht zal ik uitleg geven over het hoe en waarom van snoeien en de verschillende snoeivormen.







 
 

woensdag 22 april 2015

Vijgen - een introductie.




In de Nederlandse tuin kom je hem slechts weinig tegen, toch is het heel goed mogelijk ook in ons klimaat vijgen te telen.
Een ieder die wel eens op vakantie is geweest in het Middellandse zeegebied heeft ze wel zien staan, de majesteuze vijgenboom met zijn prachtige grijs-witte stammen, soms wel 6 meter hoog.
De oorsprong van de vijgenboom ligt in Griekenland, Turkije en Syrie, van daar uit is hij verspreid over Zuid Europa, het Midden Oosten en Noord Afrika en tegenwoordig bestaan er zelfs plantages zo ver als Californie en Maleisie aan toe!
Natuurlijk zijn niet alle vijgen soorten geschikt om in Nederland te telen. Een groot deel van de cultivars hebben een piepklein wespje nodig voor de bevruchting, Blastophaga psenes genaamd. Deze komt uitsluitend voor in zuidelijke gebieden waar het nooit vriest, de scheidingslijn loopt ongeveer door midden Frankrijk en noord Italie.
Dit brengt ons tot de indeling der vijgen soorten. Er bestaan in feite 3 categorieen:

Common oftewel de "gewone" vijg. 
San Pedro types.
Smyrna's.

De common cq. gewone vijg is waar wij ons in Nederland op moeten richten. Dit type is zelfbevruchtend en heeft dus niet de Blastophaga psenes nodig om tot rijpe vruchten te komen. Hier binnen bestaan er soorten die 1 maal per jaar vrucht dragen maar ook types die 2 maal per jaar vrucht zullen dragen.
De hoofd oogst bevindt zich op het nieuw gevormde hout wat zich dit groei jaar gevormd heeft. Cultivars die maar 1 maal per jaar dragen zullen uitsluitend op dit nieuwe hout hun vruchten vormen. 
Het type wat 2 maal per jaar draagt zal zowel op het hout van vorig jaar als op het nieuwe hout vrucht zetten.  De vruchten op het oude hout van het verleden jaar noemt men de breba oogst. In veel gevallen zal er zelfs een verschil in uiterlijk en gewicht zitten tussen de breba oogst en de hoofd oogst.
Hier ziet u een voorbeeld van breba vijgen. De nieuwe groeischeut is net in ontwikkeling, daaronder op het hout van vorig jaar vormen zich nu al wat kleine vruchtjes.


Daar deze breba vijgen veel eerder vormen dan de hoofd oogst zullen deze ook eerder rijp zijn. Late voorjaarsvorst kan echter een spelbreker zijn want daar kunnen zij dus niet tegen en zal er een gedeelte of in het ergste geval zelfs de gehele breba oogst afgeworpen worden.

Het tweede type wat voor Nederland nog interessant kan zijn is het san Pedro type.
Bij san Pedro's is de breba oogst, dus die op het oude hout van het vorig jaar vormt zelfbevruchtend maar is voor de hoofd oogst de Blastophaga psenes nodig. De hoofd oogst zal wel vormen maar voor de rijpingstijd afgeworpen worden. Dit type komt niet veel voor doch zitten er wel een aantal hele goede cultivars tussen.

Het derde type kunnen we kort over zijn. Smyrna's zijn eenmaal dragende soorten die simpelweg de Blastophaga psenes nodig hebben voor bevruchting en zijn voor ons dus totaal niet interessant.

Tot zover de introductie, in het volgende artikel zal ik dieper in gaan op de verschillende teeltmethodes om uw vijgen oogst tot een succes te brengen.